Nieuwe regelgeving van toepassing vanaf 1 januari 2026
Wat u moet weten:
Op 30 december 2025 werden verschillende wetgevende teksten gepubliceerd ter uitvoering van het federale regeerakkoord dat in februari 2025 werd gesloten.
Deze maatregelen zijn in werking getreden op 1 januari 2026.
I. Lonen
1. Maaltijdcheques
Vanaf 1 januari 2026 mag de nominale waarde van maaltijdcheques maximaal 10 EUR bedragen, als volgt verdeeld:
-
8,91 EUR ten laste van de werkgever;
-
1,09 EUR ten laste van de werknemer.
De bestaande fiscale aftrekbaarheid van 2 EUR per maaltijdcheque blijft behouden.
Daarnaast kan vanaf 1 januari 2026 een extra fiscale aftrek van 2 EUR worden genoten, op voorwaarde dat alle volgende voorwaarden cumulatief vervuld zijn:
-
de bestaande nominale waarde van de maaltijdcheque bedroeg het toenmalige maximum van 8 EUR (werkgeversbijdrage van 6,91 EUR en werknemersbijdrage van 1,09 EUR);
-
de nominale waarde wordt verhoogd tot 10 EUR (werkgeversbijdrage van 8,91 EUR en werknemersbijdrage van 1,09 EUR).
Een verhoging van de nominale waarde tot minder dan het maximum (bijvoorbeeld van 6 EUR naar 8 EUR) geeft geen recht op de extra fiscale aftrek.
Een verhoging van 8 EUR naar 10 EUR komt daarentegen wel in aanmerking voor deze bijkomende aftrek.

II. Arbeidsovereenkomsten
II.1. Flexi-jobs
Huidige regeling
De vergoedingen die worden verkregen uit een flexi-job zijn vrijgesteld van personenbelasting.
Voor niet-gepensioneerde flexi-jobbers geldt een vrijstellingsplafond van 12.000 EUR per belastbaar tijdperk, dat niet wordt geïndexeerd.
Regeling vanaf inkomstenjaar 2025
Om het systeem aantrekkelijker te maken, heeft de federale wetgever beslist het fiscale vrijstellingsplafond voor niet-gepensioneerde flexi-jobbers te verhogen tot 18.000 EUR.
Dit bedrag zal voortaan jaarlijks worden geïndexeerd.
Deze maatregel geldt uitsluitend voor werknemers. Andere categorieën van personen vallen niet onder deze uitbreiding.
II.2. Studentenarbeid
Voorgaande regelgeving
Volgens de bestaande regelgeving inzake kinderarbeid mocht een jongere van 15 jaar die nog onderworpen was aan de voltijdse leerplicht niet werken als student.
Regeling vanaf 1 januari 2026
Een student die de leeftijd van 15 jaar heeft bereikt, mag voortaan werken als student, ook indien hij of zij nog onderworpen is aan de voltijdse leerplicht.
De student mag uitsluitend lichte arbeid verrichten. De precieze invulling van het begrip "lichte arbeid" zal nader worden bepaald bij koninklijk besluit.
In elk geval geniet de student een verhoogde bescherming inzake arbeidsduur. De volgende arbeids- en loonvoorwaarden moeten worden nageleefd:
-
Arbeidsduur:
-
maximaal 2 uur per lesdag en 12 uur per week tijdens de schoolperiode, buiten de schooluren;
-
de dagelijkse arbeidsduur mag nooit meer dan 8 uur bedragen;
-
tijdens een periode van schoolinactiviteit van minstens één week mag tot 8 uur per dag en 40 uur per week worden gewerkt;
-
wanneer de minderjarige bij meerdere werkgevers is tewerkgesteld, worden de gepresteerde arbeidsdagen en -uren samengeteld.
-

Overuren: niet toegestaan.
-
Nachtarbeid: verboden tussen 20 uur en 6 uur.
-
Rusttijden:
-
geen enkele ononderbroken werkperiode mag langer duren dan 4,5 uur;
-
bij prestaties van meer dan 4,5 uur wordt een rustpauze van 30 minuten toegekend;
-
bij prestaties van meer dan 6 uur bedraagt de rustpauze 1 uur, waarvan minstens een half uur aaneensluitend;
-
tussen het einde en de hervatting van het werk moet een minimumrust van 14 opeenvolgende uren worden gerespecteerd.
-
-
Wekelijkse rust:
-
arbeid op zondagen en feestdagen is verboden;
-
naast de zondagsrust moet een bijkomende rustdag worden toegekend die onmiddellijk voorafgaat aan of volgt op de zondag.
-
De werkgever die deze bepalingen niet naleeft, kan worden blootgesteld aan een strafrechtelijke sanctie.
II.3. Eerste arbeidsovereenkomst
De verplichting inzake eerste arbeidsovereenkomst wordt afgeschaft met ingang van 1 januari 2026.
Werkgevers zijn vanaf die datum niet langer aan deze verplichting onderworpen.
