Tijdskrediet

Inleiding

Tijdskrediet biedt de werknemer de mogelijkheid om zijn arbeidsprestaties gedurende een bepaalde periode te verminderen of zelfs te onderbreken met het oog op een beter individueel evenwicht tussen werk en privéleven.

Onder bepaalde voorwaarden kan de werknemer in bepaalde gevallen een vervangingsinkomen ontvangen dat betaald wordt door de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening (RVA).

Stelsel van CAO nr. 77bis

In 2001 werd het algemeen stelsel van loopbaanonderbreking radicaal gewijzigd door collectieve arbeidsovereenkomst 77bis (vervolgens zelf gewijzigd door 77ter, CAO 77quater, CAO 77quinquies, CAO 77sexies en CAO 77septies), die werd gesloten in de Nationale Arbeidsraad. Gedurende bijna 10 jaar steunde het stelsel van het "tijdskrediet" dus op CAO 77 bis.[1]

Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis stelde drie stelsels van tijdskrediet voor - zie onderstaande tabel - die nog steeds gelden in de volgende situaties[2]:

1) de eerste aanvragen en verlengingsaanvragen werden schriftelijk aan de werkgever meegedeeld vóór CAO nr. 103 van kracht werd;

2) de eerste aanvragen en verlengingsaanvragen werden schriftelijk aan de werkgever betekend vóór 1 september 2012 (datum waarop CAO nr. 103 van kracht werd);

3) de eerste verlengingsaanvraag werd na 1 september 2012 (datum waarop CAO nr. 103 van kracht werd) ingediend door werknemers die minstens 50 jaar oud waren en die reeds vóór 1 september 2012 (datum waarop CAO nr. 103 van kracht werd) in een landingsbaan zaten op basis van CAO 77bis;

4) werknemers die vóór 1 september 2012 (datum waarop CAO nr. 103 van kracht werd) reeds in een stelsel van tijdskrediet zaten, kunnen een landingsbaan uitoefenen onder de voorwaarden van CAO 77bis, in de mate waarin de volgende voorwaarden cumulatief vervuld zijn:

a) de werkgever en werknemer hebben hierover een overeenkomst gesloten;

b) de werkgever werd schriftelijk op de hoogte gebracht vóór 28 november 2011;

c) de landingsbaan volgt onmiddellijk op het lopende tijdskrediet en heeft dezelfde vorm.

4) collectieve arbeidsovereenkomsten op sector- of ondernemingsniveau, arbeidsreglementen en overeenkomsten op het niveau van de onderneming die tot uitvoering van CAO 77bis werden gesloten, blijven van toepassing.

Klik op de tabel om het in echte grootte te zien:

Stelsel van CAO nr. 103 en opeenvolgende wijzigingen

Ingevolge het regeerakkoord van 2011 werden de voorwaarden voor het verwerven van het recht op de RVA-uitkering in het kader van het tijdskrediet gewijzigd sinds 1 januari 2012.

De sociale partners in de NAR hebben de voorwaarden betreffende het recht op tijdskrediet geharmoniseerd met de voorwaarden betreffende het recht op RVA-uitkeringen door middel van CAO nr. 103[2].

Hierbij werden voornamelijk de voorwaarden voor het verkrijgen van het recht op tijdskrediet zelf gewijzigd.

De bepalingen betreffende de formaliteiten, de uitvoering, de afwijkingen en het voorkeur- en planningmechanisme werden vrijwel niet gewijzigd. De bepalingen die van kracht waren in CAO nr. 77bis werden grotendeels overgenomen.

Deze CAO werd van kracht op 1 september 2012 (op deze datum werd ook het koninklijk besluit van 25 augustus 2012 van kracht betreffende de afwijkingen van de leeftijdsvoorwaarde voor landingsbanen, tot wijziging van het koninklijk besluit van 12 december 2001 betreffende RVA-uitkeringen voor tijdskrediet).

Vervolgens werden in overeenstemming het federale regeerakkoord de voorwaarden voor het ontvangen van een uitkering bij tijdskrediet aanzienlijk gewijzigd vanaf 1 januari 2015:

- tijdskrediet zonder motief: geen enkele uitkering meer;

- tijdskrediet met motief: uitbreiding van het recht op een uitkering;

- landingsbaan: de leeftijd die recht geeft op een uitkering wordt opgetrokken.

Let op: het recht op tijdskrediet is niet hetzelfde als het recht op een uitkering:

- recht op tijdskrediet: de voorwaarden om tijdskrediet te nemen worden bepaald in CAO nr. 103, die door de sociale partners werd gesloten in de Nationale Arbeidsraad. De sociale partners hebben slechts eind 2016 een akkoord bereikt en ze zijn erin geslaagd om het recht op loopbaanonderbreking en het recht op een uitkering te harmoniseren. Tussen 1 januari 2015 en 1 april 2017 bestond er bijgevolg een verschil tussen het recht op een uitkering en het recht op loopbaanonderbreking.

- recht op een uitkering: de voorwaarden voor het verkrijgen van een uitkering worden bepaald in een koninklijk besluit. Hiervoor gelden dus wijzigingen vanaf 1 januari 2015.

Vanaf 1 januari 2015 was er een verschil tussen enerzijds het recht op een uitkering en anderzijds het recht op loopbaanonderbreking bij de werkgever. Het was de bedoeling van de sociale partners om met de nieuwe CAO 103ter [4] het recht op loopbaanonderbreking bij de werkgever en het recht op een uitkering bij de RVA te harmoniseren. Maar deze besprekingen vonden op hetzelfde ogenblik plaats als de discussie over het wetsontwerp betreffende werkbaar en wendbaar werk, dat voorzag in een uitbreiding van het tijdskrediet met motief "zorg" tot 51 maanden, voor zover CAO 103terne in deze zin niet werd aangepast vóór 1 februari 2017. De sociale partners zijn erin geslaagd om binnen deze termijn een akkoord te bereiken, zodat deze bepalingen in de wet betreffende werkbaar en wendbaar werk niet van kracht moesten worden.

De nieuwe CAO 103ter bevatte de volgende nieuwigheden:

- de afschaffing van het tijdskrediet zonder motief. Voor het tijdskrediet zonder motief bestond er al geen recht op een uitkering meer sinds 1 januari 2015;

- de uitbreiding van het tijdskrediet met alle motieven "zorg" van 36 of 48 maanden tot 51 maanden. De duur van het tijdskrediet met het motief "opleiding" blijft 36 maanden;

- de wijziging van de regels om rekening te houden met reeds eerder opgenomen tijdskredietperiodes;

- het 1/5-tijdskrediet is ook mogelijk voor een werknemer die twee deeltijdse functies uitoefent bij dezelfde of twee verschillende werkgever(s);

- de bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid is mogelijk voor ouders die gehuwd zijn of wettelijk samenwonen, maar beperkt tot bloedverwantschap van de eerste graad;

- voor de landingsbanen veranderen bepaalde elementen in de waarop de anciënniteits-, tewerkstellings- en loopbaanvoorwaarden worden berekend.

Deze nieuwe regels gelden voor alle eerste aanvragen en verleningsaanvragen die aan de werkgever worden betekend na de inwerkingtreding van CAO 103ter op 1 april 2017.

De oude regels blijven gelden voor werknemers die zich op 1 april 2017 reeds bevonden in een stelsel van lopend tijdskrediet, loopbaanvermindering of landingsbaan.

Met andere woorden: om te bepalen of het tijdskrediet volgens de oude of de nieuwe regels wordt aangevraagd, dient men het ogenblik van de aanvraag bij de werkgever na te gaan. Als de aanvraag na 1 april 2017 plaatsvindt, gelden de nieuwe regels.

Tijdskrediet zonder motief is bijvoorbeeld afgeschaft vanaf 1 april 2017. Tijdskrediet zonder motief aanvragen is dus niet meer mogelijk na 1 april 2017. Maar het is natuurlijk mogelijk dat een aanvraag vóór 1 april 2017 bij de werkgever werd ingediend, waarbij het tijdskrediet ingaat of eindigt na deze datum.

Toepassingsdomein

Het toepassingsdomein van CAO nr. 103 is heel ruim. Het stelsel is van toepassing op de meeste werkgevers en werknemers van de privésector.

Ten opzichte van de werkgever

Maar in ondernemingen met minder dan 10 werknemers op 30 juni van het jaar dat voorafgaat aan de tijdskredietaanvraag is de toestemming van de werkgever vereist.

Ten opzichte van de werknemers

Alle werknemers aangeworven in het kader van een arbeidsovereenkomst komen in aanmerking. De kenmerken van de arbeidsovereenkomst hebben geen invloed: bepaalde of onbepaalde duur, duidelijk omschreven werk, vervangingsovereenkomst, arbeiders- of bediendenovereenkomst, ... Alleen leerovereenkomsten zijn uitdrukkelijk uitgesloten uit het toepassingsdomein.

Modaliteiten

Vóór 1 april 2017

Onder bepaalde voorwaarden heeft de werknemer recht:

in het algemeen stelsel en ongeacht zijn leeftijd:

  • op 12 maanden tijdskrediet zonder motief als voltijds equivalent of 24 maanden halftijds;
  • en op 36 of 48 maanden tijdskrediet met motief, zonder voltijds equivalent;

in het stelsel van de landingsbanen, voor oudere werknemers, tot aan hun effectieve pensionering.

Klik op de tabellen om ze in volledige grootte te zien:


Na 1 april 2017

Onder bepaalde voorwaarden heeft de werknemer recht op:

in het algemeen stelsel en ongeacht zijn leeftijd (raadpleeg verder ook de bovenstaande tabel):

  • 51 maanden tijdskrediet met "zorgmotief" (geboorte of adoptie van een kind tot de leeftijd van 8 jaar, palliatieve verzorging, bijstand of verzorging van een ernstig ziek gezins- of familielid, specifieke verzorging van een gehandicapt kind tot de leeftijd van 21 jaar of bijstand of verzorging van een ernstig ziek minderjarig kind), niet in voltijds equivalent;
  • hierin eventueel inbegrepen: 36 maanden tijdskrediet met "opleidingsmotief", niet in voltijds equivalent;

in het stelsel van de landingsbanen, voor oudere werknemers, tot aan hun effectieve pensioenleeftijd (zie bovenstaande tabel).

Opmerkingen

Wegens het afsluiten van een sectorale CAO is de leeftijd voor toegang tot het recht op een halftijdse vermindering of een vermindering met 1/5e in het kader van een landingsbaan voor oudere werknemers vanaf 1 januari 2018 op 55 jaar gebracht voor werknemers en werkneemsters met een beroepsloopbaan van 35 jaar als loontrekkende.

De vermindering met 1/5e moet in principe één dag of twee halve dagen per week bedragen. Maar het paritair comité kan per CAO de regels bepalen om het recht op een vermindering met 1/5e te organiseren. Er werd bepaald dat de referentieperiode voor het organiseren van een landingsbaan van 1/5e in kalendermaanden wordt bepaald bij geregeld vervoer en in een semester bij bijzondere vormen van geregeld vervoer en ongeregeld vervoer.[5] Dit is belangrijk o.m. voor het ongeregeld vervoer, waar als gevolg van het seizoengebonden karakter de noodzaak bestaat om gedurende de drukke periodes alle dagen van de week te werken, waarbij de loopbaanvermindering tijdens een kalmere periode wordt opgenomen.

Werknemers die reeds in een systeem van landingsbaan zitten zonder uitkeringen, omdat ze niet aan de leeftijd vereisten beantwoorden, kunnen vanaf 01/01/2018 bij RVA een nieuwe aanvraag indienen via het aanvraagformulier C-61 tijds-krediet landingsbanen. In dat geval, zal de RVA vanaf 01/01/2018 uitkeringen toekennen.


Kennisgeving aan de werkgever[6]

  • schriftelijk
  • drie maanden op voorhand als de werkgever meer dan 20 werknemers tewerkstelt
  • zes maanden op voorhand als de werkgever 20 werknemers of minder tewerkstelt

De werkgever en de werknemer kunnen schriftelijk andere termijnen overeenkomen.

Waarborgen

Ontslagbescherming

  • begin: 3-6 maanden vóór het gewenste begin van de periode van tijdskrediet
  • einde: drie maanden na het einde van de periode van tijdskrediet
  • ontslag is nog mogelijk wegens een dringende reden of een reden die niets met het tijdskrediet te maken heeft[7]
  • sanctie bij inbreuk: forfaitaire vergoeding gelijk aan zes maanden loon bovenop de opzegvergoeding[8]

Waarborg voor de werknemer dat hij zijn functie achteraf opnieuw kan opnemen.

Afschaffing van de vervangingsplicht

De verplichting om de werknemer die zijn loopbaan onderbreekt of zijn arbeidsprestaties vermindert te vervangen, is afgeschaft.

Tijdskrediet is een recht voor alle werknemers. In ondernemingen met 10 werknemers of minder is de toestemming van de werkgever onontbeerlijk.

Organisatieregels

Als een onderneming 10 werknemers of minder heeft, is het tijdskrediet geen recht, maar een mogelijkheid waarvoor de toestemming van de werkgever vereist is.

In ondernemingen met meer dan 10 werknemers is het tijdskrediet een recht. Maar om de continuïteit van het werk te garanderen werd een drempel van 5% van het totale in de onderneming of in de dienst tewerkgestelde aantal werknemers ingevoerd.[9] Het aantal werknemers dat in aanmerking moet worden genomen, is het aantal dat op 30 juni van het voorafgaande jaar in de onderneming is tewerkgesteld met een arbeidsovereenkomst.[10] Op basis van een maandelijkse berekening van de drempel van 5% kan de werkgever al dan niet gunstig reageren op de aanvraag voor tijdskrediet.

Bij een sectorale collectieve arbeidsovereenkomst mag deze drempel worden gewijzigd, rekening houdend met de behoeften van de onderneming.

Let op! Overeenkomstig het Generatiepact wordt voor de berekening van de drempel geen rekening gehouden met werknemers van 55 jaar en ouder die genieten van of een aanvraag hebben ingediend om te genieten van een 1/5e loopbaanvermindering (al dan niet landingsbaan).[11]

Als de drempel wordt overschreven, moeten er voorkeur- en planningsmechanismen worden uitgewerkt.[12]


[1] Artikel 3 en 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 december 2017 met betrekking tot landingsbanen van het Paritair Comité Transport en Logistiek.

[2] Artikel 12 van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.

[3] Artikel 21, § 3, van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.

[4] Artikel 21, § 3, van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.

[5] Artikel 16, § 1 van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.

[6] Artikel 16, § 3 van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.

[7] Artikel 16 §§1 en 3 van collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.

[8] Deze mechanismen worden bepaald door de ondernemingsraad of in gemeenschappelijk overleg met de vakbondsafvaardiging. Indien dit niet gebeurt, geldt het volgende systeem (in volgorde van prioriteit): de grootste prioriteit voor werknemers die palliatieve verzorging verstrekken of zwaar zieke gezins- of familieleden verzorgen, de op één na grootste prioriteit voor werknemers in een éénoudergezin met één of verscheidene kinderen jonger dan 12 jaar, de derde prioriteit voor werknemers ouder dan 50 jaar en de vierde prioriteit voor werknemers die een beroepsopleiding volgen.

[9] CAO nr. 103 van 27 juni 2012 die een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en landingsbanen invoert.

[10] CAO nr. 103ter van 20 december 2016 tot aanpassing van CAO nr. 103 van 27 juni 2012. 

[11] Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis van 19 december 2001 tot vervanging van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77 van 14 februari 2001 tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, geratificeerd door het koninklijk besluit van 25 januari 2002, B.S., 16 februari 2002 (collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis).

[12] Artikel 22 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103.